Hoe werkt een systeemopstelling?

Opstellingen of systemisch werk is de laatste jaren sterk in opkomst. Het meest bekend is de familieopstellingen, maar het opstellingenwerk is op vele manieren te gebruiken; organisatieopstellingen, maatschappelijke opstellingen, systeemopstellingen, hier en nu opstellingen, doelopstellingen enz.

Het opstellingenwerk is een methode om met plaatsvervangers, representanten genoemd, te kijken naar een probleem of een vraag. Als er in een groep gewerkt wordt, dan wordt er veelal gebruik gemaakt van representanten, dit kunnen bekende of onbekende mensen zijn. Wanneer er individueel gewerkt wordt, dan maken we gebruik van poppetjes en grondankers worden ingezet voor zowel groepen als individueel.

Deze drie universele basiswetten zijn de visie achter methode:
1: ordening; iedereen dient zijn eigenlijke plek in te nemen
2: balans in geven en nemen
3: iedereen hoort erbij

De representanten geven informatie over het bewuste én het (vaak grote) onbewuste deel van het probleem of de vraag. Ze laten zien en horen waar en hoe de basiswetten verstoord zijn.
Hierdoor ontstaat een dieper en breder inzicht in het probleem of de vraag.

De begeleider gebruikt interventies om de basiswetten weer te herstellen, hierdoor ontspant het systeem, dit wordt zichtbaar in de houding van de representanten en de vraagsteller.
De oplossingen en antwoorden dienen zich dan ‘als vanzelf’ aan, omdat het probleem niet meer bestaat of omdat het probleem nu begrepen wordt en er daardoor adequaat gehandeld kan worden.